Hoofdstuk 9: Groepen, normen en conformiteit
Case Study: Groepsdenken
Janis bepaalde acht symptomen die indicatief zijn voor groepsdenken:
- De illusie van onkwetsbaarheid,
- Onbetwist geloof in de inherente moraliteit van de groep,
- Collectieve rationalisatie van de beslissingen van de groep,
- Gedeelde stereotypen van de outgroep,
- Zelf-censuur,
- Illusie van eenstemmigheid,
- Directe druk op mensen met afwijkende meningen om te conformeren,
- Zelf-aangewezen "mindguards" beschermen de groep voor negatieve informatie.
Zijn zeven symptomen van een beslissing die beïnvloed is door groepsdenken zijn:
- Incompleet onderzoek van alternatieven,
- Incompleet onderzoek van doelstellingen,
- Gebrek om de risico's te onderzoeken van de geprefereerde keuze,
- Gebrek om de aanvankelijk afgewezen alternatieven te herevalueren,
- Slechte zoektocht naar informatie,
- Selectieve vertekening in het verwerken van de aanwezige informatie,
- Gebrek om rampenplannen uit te werken.
Studies over groepsdenken vallen in twee brede gebieden: in de eerste worden historische gevallen geanalyseerd waarin slechte beslissingen zijn genomen, terwijl in de tweede studies van groepsdenken worden uitgevoerd in het laboratorium.
Historische gevallen die in case studies geanalyseerd werden waren bijvoorbeeld de beslissing om ondanks aanvalswaarschuwingen de nadruk te leggen op training in plaats van de defensie van Pearl Harbor; een serie van beslissingen over het escaleren van de Vietnam oorlog: de ontwikkeling van het Marshall plan: de beslissing om de betrokkenheid van de Nixon-regering in de inbraak van het Democratische hoofdkwartier in het Watergate-gebouw te verdoezelen; en NASA's beslissing om de spaceshuttle Challenger te lanceren. Het analyseren van deze gevallen leidde tot meer inzichten in de theorie van groepsdenken. Nieuwe symptomen worden gesuggereerd en andere worden betwijfeld.
Laboratoriumstudies over groepsdenken testen de link tussen symptomen en groepsdenken. Omdat groepsdenken persoonlijke gevoelens en gedachten weergeeft van individuele groepsleden, worden de symptomen van groepsdenken gemeten door groepsleden "gewoon" vragen te stellen.
Het vergelijken van case studies en laboratoriumanalyses is moeilijk, maar volgens Esser (1998) suggereren beide gebieden van onderzoek dat groepscohesie niet sterk gerelateerd is aan groepsdenken, terwijl structurele en procedurele fouten sterke voorspellers zijn.
Esser, J. K. (1998). Alive and well after 25 years: A review of groupthink research. Organizational Behavior and Human Decision Processes, 73, 116–141.
